Kyoto is de culturele hoofdstad van Japan en ook één van de mooiste steden van dat fascinerende land. In en om Kyoto staan ruim tweeduizend prachtige Boeddhistische en Shinto-tempels, sommigen eeuwen oud. Bij die tempels vind je ook karesansui, de beroemde rotstuinen. En natuurlijk heeft Kyoto het Gouden Paviljoen.
Mediteren bij tijgerrotsen
De rotstuinen lijken heel basaal en eenvoudig, maar deze meditatieplekken voor de monniken van de tempels zijn gecreëerd aan de hand van duizend jaar oude regels. De verstilde miniatuurlandschappen van natuurlijke elementen als zand, steen, boompjes, grind en mos (maar nooit water), zijn subtiel en prachtig, als je je er voor open stelt. Doe je dat, dan zie je er ook de namen van de tuinen in terug. Bijvoorbeeld de “tuin van de over de rivier springende tijgers”, van de Nanzen-ji tempel, die al sinds 1290 bestaat. Als je de rust van die rotstuin over je heen laat komen, zie je in het golvend geharkte grind stromend water, en worden de keien een tijgerfamilie die over de rivier wil springen.
Monnikenwerk
Lukt dat niet, dan vormen de stenen, rotsen, groen mos (dat land symboliseert), wit zand (staat voor water) en struiken met bruine takken en groene blaadjes gewoon een mooi ingerichte tuin. Je mag de rotstuinen alleen vanaf houten vlonders bewonderen; daadwerkelijk in die fraaie omgeving zijn is voorbehouden aan monniken. Patronen in grind harken en zorgvuldig blaadjes knippen is voor hen ook een vorm van meditatie.
Eenvoud
Eén van de doelen van het Zenboeddhisme is eenvoud. Dat is misschien wel het best te zien in de meest minimalistische, haast abstracte, rotstuin die we bezochten, bij de Ryoanji-tempel. Heel simpel: vijftien rotsen met wat mos eromheen liggen in strakke patronen van wit grind, wat weer kabbelend water verbeeldt, in een grote ommuurde open ruimte. Het is de meest beroemde rotstuin van Japan, en daarom druk bezocht. Maar, die drukte hoor je niet. De bezoekers zijn opvallend stil. Kyoto’s karesansui rotstuinen hebben inderdaad een kalmerend effect!
Rokuon-ji, het Gouden Paviljoen
De concurrentie is groot: Kyoto’s antieke heiligdommen zijn stuk voor stuk schitterend. De ene pagode heeft een waanzinnig uitzicht over de stad vanaf de houten zesde etage. De andere tempel heeft panelen en muren met eeuwenoude verfijnde dunne landschaps- en diertekeningen. Voor boeddhisten is de tempel waarin heilige as van Boeddha in zou worden bewaard erg belangrijk. Dat is Rokuon-ji (of Kinkaku-ji), het Gouden Paviljoen. Wij vinden dat ook Kyoto’s mooiste tempel. Tegen een schilderachtig achtergrond van bergen en Japanse esdoorns met blaadjes in warme kleuren, pronkt de tempel omringd door mini-rotseilandjes in de bewegingloze Spiegelvijver.
Sereen schilderij
Die doet zijn werk perfect: het tempeltje, oorspronkelijk een paleis uit 1220, weerspiegelt stralend in het water, en helemaal de bovenste twee goudkleurige etages, waarop zonnestralen het bladgoud verwarmen.
Ook dit heiligdom mag je niet in, maar dat geeft niet. Integendeel: het Japanse schilderij van een prachtig sereen tempeltje in een natuurlijk panorama, is juist van een afstandje het beste te bewonderen. Alleen al voor Rokuon-ji moet je naar Kyoto komen!



